Vroeger was beleggen in feite een heel stuk gemakkelijker. Je had een gespreide portefeuille van aandelen, obligaties en nog wat cash en vastgoed. De obligaties in portefeuille brachten vroeger de nodige diversificatie. Ze fungeerden immers als buffer in een portefeuille. Ze waren negatief gecorreleerd, wat betekent dat ze in omgekeerde richting bewegen als aandelen.

 

Obligaties waren vroeger het stootkussen in een beleggingsportefeuille. Bij calamiteiten op de financiële markten gingen de rentevoeten lager en de koersen van obligaties hoger. Beleggers konden dus de verliezen die ze boekten op risicovolle activa compenseren aan de hand van obligaties.

 

Vandaag ziet de situatie op de markten er helemaal anders uit. Obligaties hebben zeer lage tot zelfs negatieve rentevoeten. Beleggers moeten al helemaal naar de top van het risicospectrum gaan om nog obligaties te vinden die nog ietwat rente opleveren.

 

We denken dan aan high yield en emerging market bonds. Het probleem is dat deze obligaties ofwel sterk bewegen in tandem met de aandelenmarkten (high yield) ofwel sterk afhankelijk zijn van flows en de dollar (emerging markets).

 

Om de theorie van de Modern Portfolio Theory toe te passen heb je dus activa nodig die gedecorreleerd zijn zoals dat heet om een evenwichtige portefeuille samen te stellen.

 

Obligaties spelen die rol niet meer, dus wat kan er nog dienen? Volgens ons is goud het perfecte medium om die nieuwe rol op te spelen. Het is zeldzaam, opdeelbaar en met enkele kilo’s goud heb je al een serieuze waarde in handen.

 

De volgende keer dat je nadenkt over een manier om je portefeuille te beschermen tegen exogene risico’s, moet je dus zeker aan goud denken! Het heeft alles wat je nodig hebt om de risicovolle activa in je portefeuille te beschermen tegen dalingen op de markten en allerhande politieke risico’s.